24-07-07

INLEIDING

WELKOM in onze tuin!

Welkom voor een virtuele rondwandeling in onze tuin! Die ontleent zijn naam aan de zandgroeve (“zavel” zeggen ze hier) die hier vroeger werd uitgebaat. Dat betekent evenwel niet dat wij op zandgrond tuinieren: de groeve werd later nl.gedeeltelijk opgevuld met zware leem van verschillende herkomst, en vervolgens verkaveld. Een steile helling, achter in de tuin, verbindt het oorspronkelijke met het huidige niveau.

De tuin is, talud inbegrepen, ongeveer 30 are groot. De helling is van nature begroeid, de overige bomen zijn aangeplant in 1979. De bloemenborders zijn beetje bij beetje aangelegd tussen 1993 en 1998. Plantenkeuze, aanleg en verzorging gebeuren door de tuineigenares, terwijl de heer des huizes instaat voor de wekelijkse maaibeurt van het gras en onmisbaar is voor het zwaardere werk: een boom rooien, de bramen op het talud onder de knie houden, de composthoop omzetten enz.

 

inleiding bankje copy

VOORGESCHIEDENIS

“We maken er allemaal bos van” zei mijn echtgenoot enthousiast. Maar ik ben een meisje uit de polders, gewend aan wijdse vergezichten en grootse wolkenluchten. Ik voel me opgesloten in een bos(je). Dus kwam er een compromis: de bomen vonden een plaatsje langs de zijkanten van het terrein en op de voet van het talud, maar de centrale ruimte bleef open. We zaaiden overal gras, en niet gehinderd door enige plantenkennis legde ik hier en daar borders aan met de tuinoverschotjes van familie en kennissen. Die familie tuiniert echter op een veel vruchtbaarder en vooral veel luchtiger bodem, en veel van de planten die bij hen floreerden, kwijnden hier weg. “Dat verbetert wel”, troostte de buurman, “als je compost gebruikt.” En zo geschiedde. Ik had in die tijd (eind jaren zeventig) nog nauwelijks van compost gehoord; in de groententuin thuis werd het overtollige groen van prei of wortelen meteen ondergespit, maar een composthoop had ik nooit gezien.

Al gauw ontdekte ik hoe ontspannend het tuinwerk was. Op een tuinreis begin jaren negentig liet de reisleider een boek rondgaan van Rosemary Verey. Daarin stond een aantal foto’s van bladcombinaties die letterlijk adembenemend waren: ik blééf er met een droge keel naar kijken. De prachtige paarse border van Sissinghurst en een dubbele border in een”gewone” privé-tuin deden de rest: eenmaal thuis bestelden we een hoeveelheid stalmest en man en zoon begonnen  een stuk gras  om te spitten van 18 x 3m, zodat de bestaande border aan de voet van het talud een dubbele border werd, met in het midden een grindpad. Zo’n pad leidt best ergens naar toe, dus maakten we aan de voet van de notelaar die min of meer in de as van het pad stond, een rond schaduwterras. Dat was in 1993. In de daarop volgende jaren was er altijd wel een nieuw project, met als (voorlopig?) einde de aanleg van een hydrangeaplantsoen aan de noordzijde van het huis in 2005 en 2006.

Daarbij heb ik altijd geprobeerd een gevoel van ruimte te creëren (of te behouden): vanuit verschillende gezichtspunten wordt het oog  zachtjes weggeleid  over het gazon, langs  en achter de border, naar weer een ander stuk gazon of  border, of naar de voet van het talud, waar de blik zich verliest in een veelheid van groen waarvan het einde niet te zien is.

 

 _MG_3615b_resizeBohez copy

 allerlei 2 006 copy

P1010074 copy

15:02 Gepost door Els in A. Inleiding | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.