21-10-07

De gele border

 

Gele border 2  copy

 
 
Opzij van het huis ligt een gele border, gedeeltelijk tegen de zuidmuur van het huis, gedeeltelijk tegen een groep heesters en bomen die dit stuk tuin afschermen van de oprit. Er bestaan veel  vaste planten met gele bloemen. In tegenstelling tot de verschillende roodtinten  combineren de gelen onderling meestal heel goed. Behalve de tint kan ook  de bloemvorm heel verschillend zijn: de verticale lijnen van Sisyrinchium, Ligularia, Phlomis of Lysimachia, de horizontale van Achillea en Anthemis, naast de luchtige wolken van de hoge Thalictrum en de lage Alchemilla mollis. Zoals in alle borders is ook hier gezocht naar planten met mooi blad, dat het hele seizoen goed blijft. Met name Lysimachia ciliata ‘Firecracker’ is in dat opzicht een dankbare plant: in de lente komt hij op met donkerbruine rozetten en groeit snel uit tot 80 à 100 cm hoogte; dan verschijnen de zachtgele bloemen. Die zien er uit als die van de bekende puntwederik, Lysimachia punctata, maar de kleur is zachtgeel, en de bloemen staan meer verspreid. De plant bloeit maanden, en tegen het begin van de herfst komen er kleine roodaanlopende zaaddoosjes. Hij houdt van een vochtvasthoudende bodem en breidt zich daar via uitlopers sterk uit. Samen met Alchemilla en Coreopsis verticillata die beide een paar keer terug komen, zijn de Lysimachia’s de sterkhouders van de border. Ik heb hier en daar ook wat wit in de border gebruikt, wat een fris effect geeft. Het komt van Anaphalis margaritacea, Hosta plantaginea, die laat in de zomer geurt als een lelie, en van  een phlox. Een andere gewaardeerde plant is Sedum   alboroseum ‘Mediovariegatum’. Sedums zijn met hun dikke blad en lang groen blijvende bloem altijd dankbare planten om voor vormcontrast met andere vaste planten te zorgen. De bloem kun je er desgewenst uitknippen als de kleur niet harmonieert met de rest. Er staan ook een paar hemerocallissen; de ranke H. lilioasphodelus bloeit vroeg, heeft kleine elegante bloemen en ruikt heerlijk, H. ‘Happy Returns’ herbloeit in augustus/ september en een gekregen Amerikaanse cultivar heeft mooi gegolfde bloemranden. Ook de slakken weten hem te waarderen.

 



Er staan ook enkele rozen in deze border: R. ‘Graham Thomas’ (rechts boven) en ‘Golden Celebration’ (boven, midden) van Austin, ‘Pimprenelle’ (links boven) van het Franse huis Delbard met goudgele bloemen die later lichtgeel worden en mooie meeldraden; de bloemen zijn meestal enkel, maar hebben soms een dubbele rij bloemblaadjes. En dan staat er ook nog ‘Chinatown’. Die laatste heb ik in pot gekocht; het was een klein onooglijk struikje, maar de teler verzekerde mij dat het gauw een grote forse struik zou worden van 2x2 meter . Niet dus. Na 8 jaar is het nog steeds een miezerig struikje, dat met moeite enkele bloemen (geen tien) produceert. Maar het zijn wel heel mooie bloemen.. .Het staat er dus nog altijd. ‘Golden Celebration’ kwam hier per ongeluk; geleverd als één van drie bestelde ‘Geoff Hamilton’ s. Kan gebeuren. Het is een mooie gevulde roos met een sterke geur, die prima in een vaste plantenborder past: nieuwe takken groeien nogal oncontroleerbaar alle kanten op, wat resulteert in rozen die her en der tussen de buurplanten opduiken.

Voor herfstbloei zorgen o.a. Helianthus ‘Lemon Queen’ en Clematis ‘Bill Mckenzie’. Die laatste groeit door een Philadelpus en versiert die met groene ballonnetjes, vrolijke bloemen en tenslotte, tot diep in de winter, met glanzende zaad”dozen”.

Tussen de planten staan narcissen en tulpen voor het voorjaar.

 

17:32 Gepost door Els in De gele border | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vaste plant, roos, clematis, austin |  Facebook |

16-10-07

De punt

 

allerlei 2 004 copy

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Stevig verankerd tegen het terras ligt  een driehoekig bloemen(schier)eiland, uitlopend op een stompe punt,  gewoonlijk “de punt” genoemd. Het is een border van een meter of acht lang en tussen de drie meter en 75 cm breed, die op een kleine helling ligt en daardoor behoorlijk gedraineerd is.
Dàt en het feit dat hij van 10 uur ’s morgens tot in de late namiddag in de zon ligt, maakt deze border geschikt voor planten die liever wat droger staan, zeker in de winter. Er staan hier dan ook veel grijsbladige planten, gecombineerd met blauw en hier en daar wat geel, dat komt van het blad van Tradescantia ‘Sweet Kate’, van de overal te gebruiken Alchemilla mollis of van de Meilland-roos  ‘Marco Polo’.

Voor het blauw zorgen eerst Camassia leichtlinii ,Viola sororia ‘Freckles’ (die blauwe sproetjes heeft op verder witte bloemblaadjes en zich enorm uitzaait) en Baptisia australis, gevolgd door Nepeta f. ‘Six Hills Giant’, een onvermoeibare bloeier die tot september doorbloeit, al dan niet afgeknipt na de eerste bloei. Als je dat wel doet, begint de plant gewoon opnieuw fris blad en bloem te maken. Doe je het niet, dan valt de plant open en komen er vanuit het hart  óók nieuwe scheuten, terwijl de opengevallen takjes bloeien op jonge zijscheuten. Voor elk wat wils dus. Samen met de Nepeta bloeien Galega orientalis, Tradescantia’s en Geranium 'Brookside’, ‘Orion’ en ‘Rosanne’. Die laatste blijft maar doorbloeien tot half september, waarbij ze in de naburige planten klimt. Kort daarop verschijnt ook Veronica longifolia ‘Blauriesin’ met haar mooie donkerblauwe pijlen. Helaas breidt ze zich hier niet uit, in tegendeel, ik moet regelmatig wat bijplanten. Hetzelfde geldt voor Aster frikartii ‘Mönch’. Tegen eind augustus geven Caryopteris ‘Grand Blue’, Clematis heracleifolia ‘New Love’ (onderaan, midden), de zeer hoge (2m) maar niet snel omwaaiende Salvia uliginosa ‘African Skies’  (onderaan, links) en de mooie Salvia patens kleur aan de border. Deze laatste is bij ons niet betrouwbaar winterhard, dus zaai ik hem ieder jaar in februari. De laatste jaren komt hij echter steeds terug. Samen met Ceratostigma plumbaginoides (midden, tweede van onder) en Aconitum carmichaeli zorgen deze vier voor blauw tot het vriest.

11-10-07

De banaan

 

banaan, lente
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Het pad dat tussen de dubbele border doorloopt, komt uit op een rond grindterras onder een Juglans nigra, de Amerikaanse (of zwarte) notelaar. Dat is een heel prettige schaduwboom. Bij tropische dagen, als het ook onder een zonnescherm nog veel te warm is, zitten we hier merkbaar frisser. Het bladerdek is niet helemaal gesloten en laat voldoende licht door. De zon komt hier alleen ‘s avonds laat, en dan nog alleen in juni en juli. Het is ook plezierig om de tuin vanuit een andere hoek te bekijken. We zitten hier vlak bij “de banaan”, onze schaduwborder, die zijn naam aan zijn vorm te danken heeft. In dit perk komt praktisch nooit direct zonlicht als de bomen eenmaal in blad staan, maar anderzijds is de schaduw ook vrij licht omdat het voornamelijk berken zijn die het zonlicht filteren. Heel wat planten groeien en bloeien  hier prima, op voorwaarde dat ze voldoende vocht krijgen. Dat is wel eens een probleem, omdat de berken met hun uitgebreide wortelgestel zich eerst bedienen. 
De banaan is in mei en juni op zijn mooist, als het jonge blad van hosta’s, Tiarella cordifolia, Salomonszegel en dergelijke nog niet (te veel) te lijden hebben gehad van grote hitte of een slakkenplaag. Bij de hogere planten vind ik het jonge, bewasemde blad van Kirengeshoma  erg mooi, en blad én pluimen van de gewone geitenbaard, juist voor de bloemen helemaal open gaan. Er staat ook vingerhoedskruid, en sinds jaar en dag ook een flinke pol Campanula lactiflora, ooit uit zaad opgekweekt. De ranke Thalictrum rochebrunianum zorgt maandenlang voor slanke donkerpaarse stengels met lichtpaarse bloemetjes die mooie meeldraden hebben. Geranium nodosum met zijn mooie glanzende blad zorgt lager bij de grond voor lichtpaars, de hele zomer lang, en eind september verschijnt dan Aster ageratoides ‘Asran’, samen met late akonieten.  

Natuurlijk telt de border ook enkele hydrangea’s, wat dacht u. De eerste Hydr. ‘Veitchii’ die ik ooit had, werd hier een enorme struik, maar ging daarna dood. Gelukkig had ik het jaar daarvoor stekken genomen, zodat ik op een andere plaats opnieuw kon beginnen. Een paar jaar geleden heb ik een stek daarvan weer op de plaats van de eerste teruggeplant, maar waarschijnlijk is het wortelgestel van de berken ondertussen verder naar voren gekomen, onder de banaan, want ‘Veitchii’ doet het daar niet goed. H. ‘Izu no Hana’ wil wél, en de mooie kleur paars-roze bevalt me zeer. H. aspera sargentiana met zijn grote fluwelen blad is een mooie bladplant, maar vraagt wel tijdig een gieter water.

 

Achter en opzij van de schaduwborder groeien vele narcissen in groepjes in het gras. In maart is het een idyllisch zicht. De opgroeiende planten van de banaan verstoppen daarna hun afstervend loof. Tot juni slalommen we er met de grasmachine tussendoor, pas dan wordt alles afgereden.

 

 

15:59 Gepost door Els in De banaan | Permalink | Commentaren (0) | Tags: hydrangea, vaste planten, schaduwtuin |  Facebook |

10-10-07

De dubbele border

 

P1010008 copy

 

 

Vanuit de witte tuin kun je (minstens) twee kanten op: via de houten trapjes naar het hoger gelegen gazon, om van daaruit de grote dubbele border te bekijken, of het pad  -dat dwars door de border loopt- verder volgen naar het terrasje onder de notelaar, om vandaar het grasveld op te draaien. De overheersende kleuren zijn hier paars, blauw, violet en roze, met wat grijs en wit. Het is de oudste border van de tuin, aangelegd in 1993. Ik had de paarse border in Sissinghurst gezien, en de grote border bij Mevrouw van Bennekom in Veere: prachtig allebei, van kleur en vorm, m.i. bestaan er geen mooiere. Maar onze border krijgt pas ‘s middags zon, en in de schaduw oogt donkerpaars gauw…donker. Meer roze was dus nodig, en grijs, maar merkwaardig genoeg wil een plant als Artemisia ludoviciana die elders in de tuin woekert, het hier niet doen. Ik wilde persé een vasteplantenborder: die ademt een bepaalde sfeer uit die verstoord wordt door heesters. Vind ik. Na meer dan 10 jaar verplanten, herschikken, proberen en corrigeren  begin ik tevreden te zijn met wat het geworden is. Meestal. Ondertussen  is er één roos in geslopen, ‘Gertrude Yekill', en eigenlijk vraag ik me ieder jaar af of ik die er niet beter uit zou gooien: te zwaar en te stijfjes. Ik ben wel tevreden met de clematissen die voor hoogte zorgen: tegen de achtergrond van het meters hoge talud mag dat wel. En de laatste twee jaar (waarin de belangrijkste tuinvraag was: waar vind ik nog een plaatsje voor een hydrangea) heb ik ook een aantal hydrangea’s aangeplant: die zie je alleen als je over het pad loopt; vanop het terras  en het gazon zijn ze niet zichtbaar. En hoe dan ook vind ik de lacecaps en voorral de serrata’s prima passen in een vasteplantenborder.

  

 
 

In de vroege zomer is de border mooi omdat iedere plant dan nog op de hem toegemeten ruimte staat, en bepaalde effecten die ik wil bereiken met vorm en kleur ook inderdaad zo overkomen. Later, als het eens flink gestormd heeft of planten als geraniums zich nonchalant door hun buren heen hebben gewerkt, overheerst een indruk van rijkdom en overvloed.  Door zijn ligging tegen het talud aan, krijgt de border pas na de middag zonlicht. Daardoor reiken de bloemen allemaal naar vóór. Het is dus nodig voldoende te steunen. Een ander probleem is fotograferen: mét zon is het contrast met het donkere talud groot, zonder zon zijn sommige hoeken te donker.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hieronder een hoek van de border midden zomer, half september en half oktober. In het najaar harmoniëren asters, akonieten en persicaria’s mooi met het verkleurende blad van de bomen op de achtergrond.

        

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

 
 
 
 De border blijft nog even staan, tot nachtvorst de meeste planten veranderd heeft in een zwarte brij. Dan haal ik de resten weg en breng een laag compost aan. Ik denk dat rot materiaal geen enkele winterbescherming biedt, en het “feeërieke uitzicht “ na nachtvorst of ijzel heb je ook maar één keer. Bovendien kan blad met meeldauw (asters, monarda’s) dat te lang op de plant blijft staan het vroeg uitlopende nieuwe blad aantasten. Weg ermee dus, na die eerste vorst. Een lekker ouderwets opgeruimde border voorzien van een laag compost is ook mooi!

17:00 Gepost door Els in De dubbele border | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vaste planten |  Facebook |

06-10-07

De witte tuin

wit juffertje

Een kleine taxushaag en een pergola begroeid met Rosa ‘New Dawn’ en Aktinidia kolomikta vormen de ingang naar de achtertuin. We komen eerst langs de kleine serre in de witte tuin, die op zijn diepste punt ruim een meter lager ligt dan de rest.  
   De drie delen rond het cirkelvormige pleintje dateren van 1998 en bevatten een mengeling van vaste planten, heesters  en eenjarigen. Onder de pot in het midden bevindt zich de voet van de droogmolen: op wasdagen wappert daar de was.

 

bankje perk - 11-05-02    copy
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
De border met het bankje werd ingeplant in de lente van 1996. We hadden hier in 1978  “bosgoed” geplant: vingerdikke (haag)beuken en een linde. Later hebben we die wat uitgedund, en bodembedekkers en wat vaste planten aangeplant, overwegend groenblijvers voor een aantrekkelijk winterbeeld. Rosa filipes ‘Kiftsgate’ slingert zich omhoog in een van de beuken. Geen ideale standplaats, en de plant geeft dan ook niet de overdaad aan bloemen die je elders ziet, maar het geheel is toch nog bevredigend. Verder staan er enkele hydrangea’s (natuurlijk), nl. H. arborescens ‘Annabelle’ en de macrophyllacultivars  ‘Lanarth White’, de oude ‘Veitchii’ en de recente ‘Hanabi’, alle drie met platte bloemschermen. ‘Hanabi’ heeft dubbele randbloemen. ‘Veitchii’ is een prachtplant, vroeg bloeiend met veel blauwe fertiele bloemen in het midden en spierwitte randbloemen. Tijdens de Open Dagen eind juni bloeit hij altijd volop en veel bezoekers vragen naar de naam. Ik heb de indruk dat hij in de handel een beetje in de verdrukking gekomen is van nieuwere witte lacecaps, maar geheel ten onrechte. De ‘Lanarth White’ is een stek van de groep die in een grote bloembak tussen terras en tuin staat: de plant staat daar in volle zon, en is een van de weinige hydrangea’s die daar geen problemen mee heeft, mits een gieter water op zijn tijd.
Ook in de witte tuin staan enkele rozen, nl. 'Schneewittchen', 'Margaret Merill' en de mooie 'Princess of Wales' (  foto hier onder). Ik vind het plezierig om de gekunstelde vorm van rozen te combineren met nonchalante, bijna onkruidachtige planten zoals het moederkruid of de hoge Persicaria polymorpha, hier met R. 'Schneewittchen'.
 Sanguisorba tenuifolia var. alba zorgt lange tijd voor hoogte en vorm in de border, een rol die de eenjarige witte Cleome daarna met zwier overneemt; de lage Cosmos ‘Sonata’ zaai ik ieder jaar weer: die zorgt maandenlang voor een horizontaal vlak  in de tuin, en het gele hartje geeft wat punch aan het vele wit. Phloxen -zonder-naam geven de hele zomer door bloemen én een heerlijke geur. Ik knip half mei de helft van de stengels zo’n 20 cm terug. De andere helft bloeit vanaf juni, en de teruggeknipte vertakken zich en geven kleinere bloemtrossen als de eerste ongeveer uitgebloeid zijn. Die knip ik dan op hun beurt terug, waarna ook zij kleinere bloemen geven op nieuwe zijtakjes. Zo heb je bloemen tot ver in september. Dan neemt Anemone ‘Honorine Jobert’  het roer in handen, samen met Sedum ‘Frosty Morn’, de mooie Aster cordifolius ‘Silver Spray’ (die al vanaf augustus bloeit), herbloeiende rozen, Astrantia ‘Shaggy’ en hoge Nicotiana sylvestris die zo lekker ruikt. Helaas is dat een delicatesse voor slakken: dit jaar heb ik er tien uitgeplant, en niet één heeft het overleefd! Ik verspeen er altijd dubbel zoveel als ik nodig heb, de helft voor de slakken en de helft voor mij, maar dit jaar hebben ze alles opgegeten.